image_pdfOpen in PDFimage_printPrint dit blog

 

Op 4 december 1883 reisde Vincent van Gogh vanuit Hoogeveen in Drenthe naar zijn ouders in Nuenen, waar hij om 6 uur ‘s avonds aankwam. Hij zou daar bijna twee jaar logeren in de pastorie. Dit eenvoudige gebouw uit het jaar 1764 was de ambtswoning van zijn vader, dominee Theodorus van Gogh. Ruim vijf maanden later, aan het begin van de zomer van 1884, raakte zijn moeder slecht ter been en werd zij bedlegerig. Hierdoor werden de naailessen die zij gaf onderbroken, maar gelukkig kon buurvrouw Margot Begemann haar vervangen. Een saillant detail was dat deze Margot Begemann in dezelfde pastorie was geboren. Dat gebeurde in 1841, toen haar vader, Willem Lodewijk Begemann, net als de vader van Vincent predikant was in Nuenen.

Marget_Begemann

Borstbeeld voorstellende Margot Begemann, in de voortuin van haar ouderlijk huis Nuneville in Nuenen (eigen foto).

En het kon niet uitblijven: na afloop van een naailes ontmoetten Vincent en Margot elkaar in de pastorie. Zij raakten verliefd en wilden verder met elkaar in het leven. De ouders van Vincent waren echter niet erg gecharmeerd van deze romance. Ook bij de familie van Margot stuitte de affaire op verzet. Met name de oudere zusters van Margot hadden weinig op met Vincent en lieten dat duidelijk merken. Zo vonden zij het niet passen dat Margot maar liefst 12 jaar ouder was dan die nogal onfrisse kunstschilder. Op zeker moment werd Margot zodanig door haar zusters onder druk gezet, dat zij in de zomer van 1884 een zelfmoordpoging deed door rattengif in te slikken. Vlak daarna bezocht ze Vincent, die merkte dat er wat mis was en haar liet overgeven. Margot bleef in leven, maar het gif had haar geen goed gedaan en een doktersbehandeling bleek noodzakelijk.  Om dit gebeuren stil te houden voor de op roddel beluste Nuenense bevolking, werd besloten om Margot naar een Utrechts ziekenhuis te brengen. Daar bezocht Vincent haar enkele keren en genas zij uiteindelijk. Het zou echter tot het voorjaar van 1885 duren voordat Margot terugkeerde in Nuenen. Van een relatie was toen geen sprake meer.

Het vervelende gebeuren had Vincent geestelijk diep geraakt, waardoor hij geleidelijk was weggezakt in melancholie. Ondertussen worstelde hij met een geheim, dat hij graag in bedekte termen wilde openbaren. Deze zaken vormden voor hem de aanleiding om zijn sombere schilderij De Aardappeleters te creëren. Bij de maandenlange voorbereiding van het bedenken van het ontwerp liet hij zich inspireren door andere schilders, zoals Jozef Israëls en de Belgische kunstschilder Charles de Groux. Zoals later uit dit blog zal blijken werd hij door een onverwachte insider uit het groepje aardappeleters geholpen met het toevoegen van wat puzzel-elementen aan zijn werk. Zelf zag Vincent zijn schilderij als een meesterproef en het eindresultaat was dan ook een meesterwerk in een meesterwerk. Het zou leiden tot Vincents overwinning op de melancholie en tevens tot een suggestieve toespeling op zijn geheim.

Op dit punt aangekomen dien ik een kanttekening te maken. Een goede manier om een geheim te verbergen is door de aanwijzingen zo onwaarschijnlijk mogelijk te maken. Het onderhavige blog zal door velen worden afgedaan als “fantasierijk”, “zeer onwaarschijnlijk” of zelfs als “idioot”. Dat is precies de bedoeling, want het is voor de samenstellers van het raadsel prima als de onderzoeker zijn nek uitsteekt en zichzelf belachelijk maakt. Niemand zal daarna verder durven zoeken, zodat het geheim een geheim blijft. Door de rest van dit funblog zorgvuldig te lezen kunt u zich hierover zelf een oordeel vormen…

Eén aardappel in het woord “aardappeleters”

Het schilderij De Aardappeleters geeft een beeld van een aardappelmaaltijd in, zoals men vermoedt, de huiskamer van de familie De Groot in hun boerderij aan de Gerwenseweg 4 in Nuenen. De vrouwen met de knipmuts zijn moeder en dochter. De moeder, Cornelia, is de vrouw die de koffie schenkt. De twee mannen, links Francis en rechts Antonie, zijn de broers* van Cornelia, die bij haar inwonen. Daarmee zijn het de ooms van Gordina, die als roepnaam Sien zou hebben gehad.

*Op 10 juli 2018 voegde ik na aanvullend onderzoek het volgende toe. Het blijkt dat Francis en Antonie wel broers van elkaar waren, maar geen broers van Cornelia. Daaruit volgt dat het ook geen ooms zijn van Gordina, de dochter van Cornelia. Uit het bevolkingsregister van Nuenen (Gerwen) blijkt dat beide broers wel een zuster hadden, maar die heette Maria. Deze Maria is in 1858 verhuisd naar Son. Het gezin van Antonie van Rooij (geboren 15-3-1794) en Francina Slegers (geboren 20-6-1793) bestond uit de oudste zoon Antonie (geboren 5-1-1823), vervolgens zoon Francis (geboren 4-6-1827) en tenslotte dochter Maria (geboren 24-4-1837). Zoon Antonie nam later het beroep van wever over van zijn vader, die dat volgens de geboorteakte van zoon Antonie van Rooij ook werkelijk was. (Akte van 7-1-1823, na zijn geboorte op 5-1-1823).

De meisjesnaam van Cornelia was wel Van Rooij. Haar geboorte was op 28 maart 1823, dat wil zeggen ruim twee maanden na Antonie van Rooij. De vader van Cornelia heette Johannes van Rooij, die was getrouwd met Dingena Swinkels. Cornelia trouwde op 26 januari 1850 met Cornelis de Groot, die in 1818 was geboren en zou overlijden op 3 april 1883, acht maanden voordat Vincent van Gogh in Nuenen zou arriveren.

Op de website Vangoghletters.orgde gecombineerde site van het Huygens Instituut van het KNAW en het Van Gogh Museum in Amsterdam, wordt een brief getoond die Vincent van Gogh in oktober 1887 richtte aan zijn zuster Willemien. Daarin stelde hij onder meer: “Wat ik van mijn eigen werk denk is dat het schilderij van de boeren die aardappels eten, wat ik in Nuenen maakte, après tout het beste is dat ik maakte.”

De Aardappeleters

De Aardappeleters (1885, Nuenen). Linksboven een klok aan de muur. De achterste boer zit voor een venster met 16 ruitjes. Credits: Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Het was niet de eerste keer dat Vincent zijn beroemde schilderij De Aardappeleters in een brief aanhaalde. Op 6 april 1885, twee weken na het overlijden van zijn vader, schreef hij dat hij van plan was die week te beginnen aan “dat geval van die boeren rond een schotel aardappels.” En drie dagen later, in een nieuwe brief aan zijn broer Theo: “(…), terwijl ik tevens bezig ben op nieuw aan die boeren om een schotel aardappels.”

Maar in zijn brief nr. 497 van “31 april 85” (zie afbeelding hierboven) wordt Vincent raadselachtig van toon. Dit geldt op de eerste plaats voor de datum, 31 april. Op de website Vangoghletters.org wordt uitgegaan van een foutje en wordt voor deze brief de datum 30 april aangehouden. Toch is er mijns inziens meer aan de hand. De datum “31 april 85” is merkwaardig omdat april nu eenmaal uit 30 dagen bestaat. Dat moet Vincent hebben geweten. Zou hij met die datum, in cijfers als 31,4 uitgedrukt, via een decimaalverschuiving naar links hebben willen verwijzen naar 3,14 ofwel het wiskundige getal “pi“?

Op het eerste gezicht klinkt dat onlogisch. Puzzelen en Van Gogh wordt nu eenmaal niet direct als één begrip gezien. Toch zal uit het vervolg blijken dat het getal “pi” in het geval van de betreffende brief en het latere schilderij wel degelijk hout snijdt. Daar is een duidelijke aanwijzing voor: waar op Vincents kalender de datum 31 april kan worden gezien als de eerste dag na 30 april, is die dag op een “gewone” kalender 1 mei. In cijfers: 1-5. Lezen wij 1-5 als 1,5 en passen wij daarop opnieuw een decimaalverschuiving toe, correctief naar rechts, volgt daaruit het getal 15. In ons alfabet wordt het getal 15 vertegenwoordigd door de letter O en die is cirkelvormig.

Hiermee wordt onverwacht een verband aangetoond tussen 31-4 respectievelijk 3,14 (pi) en de 15de letter van het alfabet, de O (een cirkel). Want we hebben het op school geleerd: het getal “pi” betreft de wiskundige verhouding van de omtrek en diameter van een cirkel.

Het symbool dat hierboven staat afgebeeld is de kleine letter “pi” uit het Griekse alfabet. Later in dit blog zal blijken dat de uitspraak van deze Griekse letter in het Engels relateert aan onze letter “p“.

Maar is meer. Het gevonden getal 15 komt, zoals we hierboven hebben gezien, van 1-5. In het alfabet staan op de plaatsen 1 en 5 respectievelijk de letters A en E, wat de beginletters kan vormen van twee woorddelen: (1) Aardappel en (5) Eters. Zien wij op het schilderij De Aardappeleters dan inderdaad één (in blokjes gesneden) grote aardappel en vijf mensen die daarvan eten? In zijn brieven sprak Vincent altijd over het meervoud “aardappels”. Wij kunnen er echter niet omheen dat taalkundig gezien in het woord “aardappeleters” letterlijk sprake is van maar één aardappel…

Toegepaste “wis”-kunde

In de aanloop naar zijn schilderij De Aardappeleters heeft Van Gogh talloze brieven geschreven aan zijn broer Theo, waarbij hij repte over wevers. Dat is niet vreemd, want in Nuenen waren enkele honderden mannelijke wevers actief. Sommige wevers waren oorspronkelijk boeren die probeerden wat bij te verdienen. De wevers leverden hun werk af aan de textielfabrieken in bijvoorbeeld Helmond en Geldrop.

Maar ook vrijmetselaars bedienden zich van termen die met “weven” te maken hebben. Het ging en gaat dan wel over figuurlijke symbolische draden, zoals de Levensdraad die de Mens tijdens zijn leven weeft. In de 20ste eeuw werd dat gegeven opgepakt door nieuw opgerichte vrouwenloges, want de broederlijke gedachte was nu eenmaal dat het weefambacht eigenlijk thuishoorde bij vrouwen. In mijn boek Het Hubertus Mysterie suggereer ik onder het pseudoniem Duyo Geldrop het bestaan van een 19de eeuwse vrouwelijke vrijmetselaarsloge in Geldrop.

De laatste keer dat Vincent het onder andere over “weefsel” heeft, is in de hierboven genoemde brief van 31 april 1885. Hij schrijft: “Ik heb den heelen winter lang de draden van dit weefsel in handen gehad en het definitieve patroon gezocht – en indien nu het een weefsel zij dat een ruw en grof aspect heeft, zoo zijn niet te min de draden met zorg en volgens zekere regels gekozen. En het zou wel kunnen blijken dat het een echt boerenschilderij is. ik weet dat het dit is. Maar wie liever de boeren zoetsappig ziet ga zijn gang.

Met name de woorden “volgens zekere regels” duiden op een goed uitgedacht concept dat wellicht voor een deel afkomstig was van anderen dan Van Gogh zelf. Uit mijn onderzoek blijkt dat Vincent zijn woorden over het zoeken naar een definitief patroon dubbelzinnig heeft bedoeld. Hij legt sterk de nadruk op het “echte” (boerenleven) en het “romantische” (zoetsappige) beeld dat eventueel van het werk kan uitgaan. Daarmee zegt hij in feite: “ik geef een realistisch beeld van het boerenbestaan, maar je kunt het ook anders zien.”

Vincents brief van 31 april 1885 blijkt meer geheimzinnigheden te bevatten. Zo zit er bijvoorbeeld een dubbele bodem in het zinnetje “ik weet dat het dit is” zoals het op onderstaande afbeelding uit de betreffende brief is gekopieerd:

Uit de omkaderde passage blijkt dat Vincent de woorden heeft onderstreept en dat hij er daarmee een zeker belang aan toekent. Dat belang heeft te maken met de verborgen boodschap in dit boerenschilderij, een boodschap van – zoals zal blijken – een zekere triompf, die Vincent via deze brief en zijn schilderij in code aan de lezer(s) van zijn brief doorgeeft. De tekst “ik weet dat het dit is” is een anagram van (ik) “wis het dat die tikte”. Door de bijna-hoofdletter W overduidelijk niet te onderstrepen gaf Vincent aan dat de zin die door de letterwisseling ging ontstaan, met die letter W moest beginnen. Hij bedoelde hier te zeggen dat hij een verandering ging aanbrengen aan de klok die op het werk De Aardappeleters te zien is. Voorheen stonden daar wellicht Romeinse cijfers op de wijzerplaat, zoals gebruikelijk was in die tijd. Door er fantasiecijfers op te schilderen, was het geen echte klok meer en werd het feit “dat hij tikte,” gewist.

Zoals hierboven in de afbeelding aangegeven heeft Vincent in dezelfde brief nog twee woorden onderstreept. Eén regel hoger dan zojuist beschreven, staan onder “echt” en “boerenschilderij” twee strepen. De streep onder de letters “erensc” houdt duidelijk precies aan het begin van de letter “h” op. Dat is te zien aan het komma-achtige haakje aan het eind van de streep, dat erop duidt dat hij die bewust precies op die plek wilde laten eindigen:

De klok en de letters

Dit vormt de derde grote geheime aanwijzing die Vincent van Gogh aan ons naliet. De eerste was de (via de datum) verborgen letter O, ofwel een cirkel. De tweede aanwijzing was uit een anagram iets dat “tikte”, zoals een klok. En de derde aanwijzing is het anagram dat van de onderstreepte letters “echt erensc” kan worden gemaakt: “rechts een C”. Op de vraag wat de betekenis is van deze drie aanwijzingen, kan een duidelijk antwoord worden gegeven: Vincent wijst naar een klok, iets ronds en daarop moet aan de rechterkant een C komen te staan. Met andere woorden, hij refereert op De Aardappeleters aan de ronde wijzerplaat van de klok die linksboven op dit schilderij staat afgebeeld.

De wijzerplaat van de klok is bijna rond, maar komt verder met geen enkele werkelijkheid overeen. Helemaal bovenaan de wijzerplaat, op de plaats waar normaal de 12 is te vinden, staat als Romeins getal de helft daarvan, 6: VI. Hierin zijn tevens de eerste twee letters van de voornaam van VIncent te herkennen. Met een knipoog, want de wrange woordspeling is duidelijk: VI – ‘n cent, wat duidt op financiële armoede. Dat wordt nog eens benadrukt als we dit verder uitwerken. Schrijven we letterlijk “V en I”, dan ontstaat het Latijnse woord VENI (ik kwam). Lezen we het nu als rebus, dan staat “VI” letterlijk vóór “n cent”. De woordspeling wordt nu nóg treffender: V(en)I ‘n cent = Ik kwam (voor) ‘n cent. Vrij vertaald: Ik kwam (naar Nuenen) om geld te ontvangen of te verdienen.

De uitvergrote afbeelding van de klok op De Aardappeleters, gerealiseerd door middel van een hoge-resolutie-afbeelding van dit schilderij op de website van het Van Goghmuseum in Amsterdam.

Om te zien wat Vincent met de letters van zijn naam bedoelt te zeggen, verspreiden wij die per denkbeeldige 5 minuten over de wijzerplaat. Zodoende volgt rechts van de letters “VI” eerst de “N” en dan de letter “C”, precies zoals aangegeven in eerdergenoemd anagram. Met de anagram-uitkomst “rechts een C” geeft Vincent dus letterlijk aan dat op de rechterkant van de wijzerplaat, bij het uitvullen van zijn naam, een C moet komen te staan. Met andere woorden, dat zijn naam met de wijzers van de klok mee moet worden uitgespeld. Dat lijkt overbodig als men meteen ervan uitgaat dat het Romeinse getal VI direct op de eerste twee letters van de voornaam van Vincent slaat. Maar als men dat niet doet, vormt de C aan de rechterkant van de wijzerplaat een nuttige suggestie in die richting.

Zoals we op de afbeelding zien, staat de laatste letter van zijn achternaam, de H, als een extra aanwijzing bij het zwarte hart. Dit zwarte hart kan tevens een verwijzing vormen naar de dood van Vincents vader, in de eerder genoemde zin “wis het dat die tikte“. In dat geval stopte zowel het hart als de klok letterlijk en figuurlijk met tikken.

Daarnaast kunnen wij het zwarte hart in combinatie met de letter H uitleggen als H-art, waarbij “art” zowel het Franse als het Engelse woord voor “kunst” is. Later in dit blog zal de Engelse taal wederom opduiken, als essentieel element van een geheim dat Vincent kennelijk in code met ons wilde delen.

De voluit geschreven naam Vincent van Gogh heeft in totaal 14 letters, wat moeilijk uit te schrijven is op een enkele wijzerplaat die maar tot 12 gaat. Zoals we zagen loste Vincent dat bovenaan op door bij de 12 de twee letters V en I te schilderen. Dan is er nog steeds één letter te veel. Daarvoor gebruikte Vincent heel inventief het midden van de wijzerplaat. Rond die plaats O draaien op elke klok, werkend of niet, immers de wijzers! Overigens zijn “wijzers” in het Engels “hands” (Nederlands: handen) en is het geen toeval dat Vincent veel studies met “(boeren)handen” heeft gemaakt.

De O dus. Nu begrijpen we waarom Vincent de datum 31 april boven zijn brief heeft geplaatst. Uit het puzzeltje rond die datum volgt immers 1 mei, 1-5, ofwel de 15de letter van het alfabet: de O. En nu zien we dat dat het punt is waaromheen de wijzers van een klok draaien.

Dit is een alleraardigste vondst, maar de vraag is natuurlijk wat Vincent ermee wil zeggen. Daar is redelijk makkelijk een antwoord op te geven. Als we de leesrichting met de groene pijlen op de afbeelding volgen, zien wij met de O in het middelpunt het woordje GOG ontstaan. Het belangrijkste bijbelboek waarin de naam Gog wordt genoemd, is de Openbaring van Johannes, waar in hoofdstuk 20 vers 8 staat:

En hij zal uitgaan om de volken te verleiden, die in de vier hoeken der aarde zijn, den Gog en den Magog, om hen te vergaderen tot den krijg; welker getal is als het zand aan de zee. (bron: statenvertaling.net)

Men gaat er in het algemeen vanuit dat de “hij” in dit vers slaat op Satan. Uit het vervolg van dit blog zal blijken dat Vincent daarmee verwees naar iemand die in zijn ogen een Satan was. Iemand die indirect een deel van zijn mogelijke toekomst had verwoest.

Het is overigens opmerkelijk dat de naam GOG uitgerekend voorkomt in een tekst (Op. 20:8) die gerelateerd lijkt aan een 24-uurs tijdrekening. Op een wijzerplaat staat het getal 8 (‘s morgens) immers gelijk aan het getal 20 (‘s avonds).

Hulp van God en (onder)wijzer

De wijzerplaat van een klok bevindt zich letterlijk onder de wijzers. Het is in het verband van dit blog opmerkelijk te noemen dat Vincent van Gogh zelf onderwijzer is geweest. Dat was in zijn Engelse periode. Vanaf juni 1873 werkte hij enige tijd in het Londense filiaal van de Parijse kunsthandel Goupil & Cie, waarin zijn oom Vincent van Gogh vennoot was. Op 1 april 1876 werd Vincent bij de Londense kunsthandel ontslagen, nadat hij bij zijn oom uit de gratie was geraakt. Vervolgens werd hij onderwijzer in Ramsgate en later ook in Isleworth. Daar werkte hij tevens als hulpprediker.

We hebben zojuist gezien dat Vincent in het midden van de wijzerplaat op De Aardappeleters een denkbeeldige letter O heeft gecreëerd. Het is een slimme verwijzing naar God. Als we in het Nederlands spreken over “DE (letter) O” krijgen we in het Latijn het woord DEO, ofwel God. In mijn boek Het Gesso Mysterie komt dat gegeven uitgebreid aan de orde.

Met het woord Deo geeft Vincent een aanwijzing naar een uitspraak van God. Dat doet hij door aan te geven met welke letter deze O moet worden verbonden. Dat is via de kleine wijzer met de A. Deze twee letters en de O komen elk maar één keer voor in de naam Vincent van Gogh. De combinatie A en O is bekend uit de bijbel als de eerste en laatste letter van het Griekse alfabet: de Alfa en de Omega. Nu zien we het nut van de naam “Gog”. Met die naam wordt immers verwezen naar het bijbelboek Openbaring en daarin staat in drie verschillende verzen vermeld dat God deze woorden uitspreekt: “Ik ben de Alfa en de Omega.” Daarmee gaf God aan zowel het begin als het einde van alles te zijn.

De gele pijltjes wijzen naar de grote wijzer, die VI en O met elkaar verbindt, en de kleine wijzer als verbinding van de A met de O.

Wat zien we hier nu gebeuren? De grote wijzer geeft aan VI-O. Aan elkaar geschreven is dat VIO. Hieruit volgt een interessante verandering van betekenis: VIO is namelijk Spaans en het betreft een andere persoonsvorm, derde persoon enkelvoud, ofwel “hij”. VIO betekent in het Spaans “HIJ ZAG”.

Waarom Spaans, zult u zich afvragen? Dat komt doordat Vincent zich vergeleek met Jerolimo, de hoofdpersoon uit het blijspel de Spaansche Brabander (1617) van G.A. Bredero. Zoals Vincent platzak in Nuenen was aangekomen, kwam Jerolimo berooid aan in Amsterdam, waar hij zich overigens voordeed als een rijk man. Het humoristische blijspel geeft een realistisch beeld van het Amsterdamse straatleven uit die tijd. Precies zoals Vincent een realistisch beeld van het boerenleven in Nuenen wilde schetsten. Met op de achtergrond een steels verholen humor, waarbij hij vast en zeker meermaals in zijn vuistje gelachen moet hebben omdat hij er iedereen mee voor de gek heeft gehouden…

Dus eerst hadden we bovenaan VENI (het Latijnse IK KWAM) en nu vinden we VIO (het Spaanse HIJ ZAG). Hiermee zegt Vincent dat er iemand was die zag dat hij kwam. Bedoelt hij hiermee dat God hem zag aankomen in Nuenen? Of zijn vader? Of de geest van de overleden vader van zijn geliefde Margot? Of een vooralsnog onbekend persoon?  Of met betrekking tot de de Spaansche Brabander: zag hij ondanks zijn melancholie een blij spel bij de boeren of bij anderen?

Hoe het ook zij, het is duidelijk dat we nu op zoek moeten gaan naar het Latijnse woord VICI (IK OVERWON). Daar zullen we in dit blog ook uitkomen, met een lange omweg via de pastorie in Nuenen.

Toevoeging aan dit blog op 15-07-2018

Mijn voortgaande onderzoek wijst uit dat de hierboven genoemde aanduiding “Deo” voor “De (letter) o” ook in de Engelse taal een nadere belichting vereist. In het Engels zeggen we namelijk “The (letter) o”, ofwel “Theo”. Deze naam vormt zowel een afkorting van Theodorus, zoals zijn vader heette, als de naam van de liefhebbende broer van Vincent. In het kader van mijn eerdere toelichting op de Alfa en de Omega, hebben we hier écht te maken met een begin en een einde. Immers, de A en de O kunnen worden gelezen als de beginletters van Auvers-sur-Oise, het dorp waar op 29 juli 1890 na een schotwond van twee dagen eerder een eind kwam aan het leven van Vincent.

Het gemeentehuis van Auvers-sur-Oise voert op de voorgevel een klok, met daarop Romeinse cijfers. Op de plaats van de 6 staat: VI, de twee beginletters van de naam Vincent. Op zich is dit niet verbazingwekkend, maar binnen de context van de VI op de klok op “de Aardappeleters” wél! Dit kan betekenen dat Theo zijn broer heeft gevoed met bepaalde informatie die Vincent vervolgens in zijn schilderijen verwerkte. Zo kan Theo al in 1885 hebben voorzien dat zijn broer uiteindelijk terecht zou komen bij “kunstenaars-psychiater” dr. Gachet, die een tweede huis bezat in Auvers-sur-Oise.

Het huidige stadhuis van Auvers-sur-Oise, met een in de loop der jaren aangepaste voorgevel (zie onder). Foto: Wikimedia Commons

 

Overigens heeft Vincent tijdens zijn verblijf in Auvers-sur-Oise ook dit stadhuis geschilderd en wel op de Franse nationale feestdag (Quatorze Juillet, 14 juli 1890). Saillant detail: hij deed dat zónder de wijzerplaat van de klok weer te geven.

Maakte hij dit schilderij, dat zich thans in New York bevindt, een kleine twee weken voor zijn dood om aan te geven dat de TIJD voor hem “op” was?

(Detail van het schilderij. Bron: Wikimedia Commons)

 

Bidden voor het eten

Terug naar de Aardappeleters. De gevonden letters A en O, die op de wijzerplaat met een dunne lijn (de kleine wijzer) met elkaar zijn verbonden, staan sinds 1764 als muurankers op de voorgevel van de Nuenense pastorie afgebeeld:

De pastorie in Nuenen

De pastorie anno 2018, nog steeds bewoond door een dominee (eigen foto)

De betekenis van de letters slaat hier echter niet op God, maar op de afkorting van “Anno”: AO 1764. Kunnen we het jaartal 1764 desondanks beschouwen als een aanwijzing? Jazeker! En omdat deze aanwijzing tot ons komt via de wijzerplaat van een klok op een schilderij, dienen wij 1764 in het kader van het raadsel te zien als tijd. Nu bestaat de tijd 17u64 natuurlijk niet, maar als we dit tot creatief puzzeltje verheffen, wél. Dan dienen we 64 te lezen als 60 (= heel uur), plus 4 minuten. De nieuwe tijd wordt dan 18u04 en als we die tijd weer terugzetten tot een jaartal, krijgen we 1804!

Het jaar 1804 was symbolisch gezien belangrijk voor Vincent, want het was het geboortejaar van Willem Lodewijk Begemann, de vader van zijn geliefde Margot. Duidt het hierboven gevonden woord “Gog”, als Satan, op dominee Begemann? Dat zou zomaar kunnen, want een anagram van Satan is “naast”. En precies naast de pastorie bouwde Begemann in 1874 de nog steeds bestaande villa Nune Ville.  Zag Vincent hem niet alleen als de vader van Margot, maar ook als de vader van haar oudere zusters, dezelfde zusters die Margot bijna de dood in hadden gedreven? Met als gevolg dat er een einde kwam aan de relatie tussen haar en Vincent?

De kritische lezer met enige kennis over de geschiedenis van de Nuenense pastorie zal nu waarschijnlijk aanvoeren dat de voorgevel van de pastorie er in de tijd van Vincent heel anders uitzag: zonder muurankers! Op Vincents schilderij van herfst 1885 is geen baksteen of muuranker zichtbaar, alleen een gladde pleisterlaag:

De pastorie in Nuenen aan het begin van de herfst van 1885. Credits: Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

De oorspronkelijke muurankers AO 1764 zaten ongetwijfeld onder de afgebeelde pleisterlaag verborgen. Dat deze muurankers een geheim bevatten blijkt wel uit mijn ontdekking dat van het woord “aardappeleters” een Engelstalig anagram kan worden gemaakt, namelijk: “area p plastered“, ofwel het gebied “p” gepleisterd. Na het zwarte hart en de H op de wijzerplaat (H-art) treffen wij hier opnieuw de Engelse taal. Zoals eerder in dit blog aangeduid, moet Vincent die taal vloeiend hebben gesproken. Hij preekte zelfs in het Engels! Dat geeft aan dat zijn kennis van die taal vele maken groter was dan die van de “gewone man” in die tijd. Door Engels in zijn puzzel toe te passen, kon hij zijn geheim nóg beter bewaren.

Nu wordt tevens duidelijk waarom Vincent met de datum 31 april 85 verwees naar het getal “pi”. Spreken we “pi” uit zoals het er staat, dan horen wij de letter “p” in het Engels.

Wat wilde Vincent met “area p” zeggen? Op papier en als Engels/Nederlandse taalmix kan hij daarmee de bepleisterde “p(astorie)” hebben bedoeld, waarmee we kunnen opmerken dat de verborgen letters “a-s-t-o-r-i-e” ook weer een anagram vormen: oraties.

In het Engels spreken wij “area p” echter uit als “area pi” en daarmee verwijst Vincent via de Kerk naar prostitutie. Het is bekend dat hij regelmatig prostituees bezocht en ook zijn vriendin Sien Hoornik, waarmee Vincent rond 1882 een relatie had, was als zodanig werkzaam in het rosse milieu. In de Kerk werd prostitutie lange tijd gesymboliseerd door Maria Magdalena, die in de 6de eeuw door paus Gregorius I was weggezet als vrouw van lichte zeden. Dat beeld is pas in 1969 bijgesteld. De gedenkdag van Maria Magdalena in de westerse kerk is 22 juli, ofwel 22-7. Maken we hiervan een breuk, dan krijgen we 22 gedeeld door 7. De uitkomst is 3,14: het getal “pi”.

Het anagram “area p plastered” van “aardappeleters” suggereert dus via de breuk 22/7 en de Engelse “pi” een Nederlands/Engels verband tussen de pastorie en Maria Magdalena. Legt Vincent hier een gevoelig liggende zaak bloot?

Terug naar het woord “oratie“. Dat komt van het Latijnse “oratio” en betekent “gebed”, in het bijzonder het gebed van de voormis. In de brief van Vincent met de datum “31 april 85” komt de naam van de Vlaamse kunstschilder “de Groux” voor. De composities van deze in 1870 overleden kunstenaar hadden vaak het harde leven op het boerenland als onderwerp. Net als bij Vincent van Gogh dus, met dit verschil dat De Groux ook religieuze thema’s in zijn werken behandelde. Zo is een bekend schilderij van hem “Gebed voor het eten” uit 1861, waar een vader staand aan een rechthoekige tafel met daaromheen tien personen het gebed voor het eten uitspreekt (in verband met lastige copyrightregels kan van dit schilderij geen afbeelding worden getoond). We mogen aannemen dat de vader van Vincent op ongeveer dezelfde manier zijn gebeden (oraties) uitsprak en wellicht tijdens de maaltijd tot in den treure verderging met het op zijn gezinsleden afvuren van bepaalde bijbelteksten. Hierdoor werd het eten zelf een ge-mis.

Nu we mogen aannemen dat Vincent via De Aardappeleters met de geheime letters A en O verwees naar de pastorie van zijn vader, kunnen we spreken van een weerspiegeling van het sociaal en religieus geïnspireerde realisme, dat Charles de Groux in zijn tijd zo enthousiast etaleerde. Saillant detail is dat De Groux in 1825 was geboren in het Belgische stadje Komen. Kan Vincent daaraan eventueel zijn V en I (= VENI = ik kwam) op de klok van De Aardappeleters hebben gerelateerd? “Kwam” is grammaticaal gezien immers de verleden tijd van het werkwoord “komen” en Komen als plaatsnaam was wérkelijk de verleden tijd van de inmiddels heengegane De Groux.

Invloed van Albrecht Dürer

Terug naar het pastorieschilderij met de bedekte muurankers. Van Gogh heeft de pastorie niet recht van voren geschilderd, maar vanuit een schuine hoek. Hij moet het gebouw daarbij vanuit het zuidwesten hebben bekeken. Door dat op die manier te doen, ontstond er perspectief en waren de meest linkse vensters op het schilderij theoretisch gezien het kleinst. Hier is dus sprake van iets dat kleiner wordt en zo moeten ook de letter- c.q. muurankers worden gezien. Vanuit het gezichtspunt van Vincent moest de letter A in perspectief een fractie kleiner zijn dan de letter O. In werkelijkheid is de A echter groter dan de O, maar we beschouwen dit dan ook theoretisch. Op de wijzerplaat op de klok in de huiskamer van De Aardappeleters waren de A en de O verbonden door de kleine wijzer.

Nu wordt de betekenis van dit alles duidelijk. Met de grote wijzer op de klok is het woord VIO te vormen, HIJ ZAG, zo stelden we vast. Daaronder staat de kleine wijzer die met een dun lijntje de letters O en A met elkaar verbindt. Feitelijk zegt Vincent hiermee in de juiste volgorde: “HIJ ZAG de O en de A”. Los van de eventuele verwijzing naar DEO kon Vincent die letters in het echt helemaal niet zien, omdat beide letters onder de pleisterlaag op de voorgevel van de pastorie waren verborgen. Wat hij echter wel kon zien, was de lijn tussen beide letters, gevormd door de latei (de horizontale balk) boven het raamkozijn (gele pijl):

Het linkerdeel van de pastorie in 2018 en in 1885. Copyright © 2018 Duyo Geldrop/Jan Bakker WebTeksten

Het is overduidelijk dat in het letteranker O een min-streep staat, die, zoals nu naar voren komt, wijst op de latei bovenaan het raamkozijn. Dit duidt er binnen het raadsel op dat er ergens iets in mindering moet worden gebracht. Dat gebeurt met de minstreep/horizontale balk, zodat Vincent een rekensommetje laat ontstaan. Vanuit zijn schilderspositie was de A verder weg, dus kleiner dan de O. Volgens de respectieve posities in het alfabet moet de O (15) volgens de perspectiefregels worden verminderd met A (1). De oplossing van deze som (15-1) is 14. In het alfabet staat de letter N op de 14de positie, terwijl los van elkaar de 1 en de 4 staan voor de letters A en D.

Aan elkaar geschreven is ook AD een gangbare term om een jaartal uit te drukken: AD 1764 = Anno Domini 1764 = In het jaar des Heeren 1764. De Heer in dit verband is Christus en het jaartal slaat op het aantal jaren na het begin van de christelijke jaartelling, het jaar O (nul). Daar hebben we hem weer, de denkbeeldige O van het midden van de wijzerplaat van de klok op De Aardappeleters.

De letters A en D kunnen wij echter ook zien als de initialen van iemand die een beroemde koperets over melancholie heeft vervaardigd: Albrecht Dürer. Deze Duitse kunstenaar woonde en werkte in Neurenberg, van 1471 tot 1528. Zijn merkwaardige ets Melencolia 1 maakte Dürer in het jaar 1514, althans zo blijkt uit een magisch vierkant dat op de betreffende ets voorkomt. Het jaartal 1514 bevindt zich onderaan, verdeeld over twee vakken:

Afbeelding: Wikimedia Commons

Op de ets is een weemoedige engel te zien. Daaromheen bevindt zich een groot aantal symbolische zaken, waarop ik verder niet zal ingaan, met uitzondering van het afgebeelde magische vierkant. Zijn die andere zaken “des engels” en verwijzen zij zo naar de Engelse taal? Belangrijk is dat Vincent van Gogh op De Aardappeleters op het magisch vierkant van deze ets duidt en er een opmerkelijke conclusie aan verbindt. Overigens ontleed ik dit vierkant in mijn onderzoeksroman Het Gesso Mysterie van voor tot achter. Het vierkant is magisch omdat de uitkomst van de som van de getallen, hoe je die ook bij elkaar optelt, altijd 34 is. Bovendien bezit dit vierkant de bijzondere eigenschap dat onder andere ook elk van de vier kwadranten de som 34 oplevert.

We halen De Aardappeleters er weer bij en we concentreren ons op het venster dat zich achter de boer bevindt. Uit het aantal zichtbare ruitjes kan duidelijk worden afgeleid dat het venster uit 16 kleine raampjes moet bestaan, evenveel vakken als op het magisch vierkant van de ets van Dürer. 

De ruiten van de pastorie

Eerder besprak ik de “area p”, waarbij ik de letter “p” de betekenissen “pastorie” en “pi” toedacht.  Er is echter een derde betekenis van de letter “p”. In het alfabet staat deze letter op de 16de positie. Hetzelfde getal als het aantal ruitjes in het venster op De Aardappeleters en het aantal vakken op het magisch vierkant op de ets Melencolia I. Zou het de bedoeling zijn dat we een verband leggen tussen De Aardappeleters en 16 ruiten van de pastorie?

Als we de (vermoedelijke) 16 ruitjes in het venster achter de boer op De Aardappeleters eens goed bekijken, zien we dat het hoofd van de boer met name de 4 ruitjes linksonder bedekt. Zetten we dat over op de 4 ruitjes linksonder op het magisch vierkant en projecteren wij dat op elkaar, dan ontstaat het volgende beeld:

Copyright © 2018 Duyo Geldrop/Jan Bakker WebTeksten

De hersenpan van de boer bedekt het kwadrant linksonder. Enkele haarlokken strijken ook over vak 14, waarin we via de initialen van Albrecht Dürer zijn “handtekening” of signatuur onder zijn werk kunnen herkennen: A(1) en D(4).

Nu begrijpen we welke aanwijzing Vincent van Gogh ons geeft via zijn schilderij van de pastorie:

Op de eerste verdieping zien we twee vensters met samen 8 ruiten. De vensters op de begane grond tellen meer ruiten, maar de onderste delen daarvan heeft Vincent slim weggewerkt. Linksonder zien we twee zwarte vlakken het beeld vertroebelen, terwijl de hoed van de persoon die voor het andere raam staat, rechts hetzelfde doet. Door de acht vensters op de begane grond duidelijk wit te maken, benadrukt hij die. Hoewel Vincent onderin in totaal tweemaal vier ruiten heeft geaccentueerd, zijn hier alleen de meest linkse ruiten op de begane grond van belang. Die beslaan een kwart van het totale vierkant:

Copyright © 2018 Duyo Geldrop/Jan Bakker WebTeksten

Aan tafel met een Nuenense boer, wever en/of vrijmetselaar

In de onderstaande alinea’s heb ik op 10 juli 2018 de naam “Anthonius” aangepast naar “Antonie”. Met deze naam staat “Antonie van Rooij”, geboren op 5 januari 1823 te Gerwen (vlakbij Nuenen), geregistreerd in zijn geboorteakte. De naam “Anthonius”, waarvan “Antonie” is afgeleid, vormt hier de geheime aanwijzing.

Voor een goed begrip ga ik nu terug naar de boer die zich ter hoogte van het wit-geaccentueerde kwadrant op de afbeelding bevindt. Dit is Antonie, een van de twee broers op het schilderij. Antonie was de oudste van de twee en kreeg van Vincent de eer toebedeeld om vanuit De Aardappeleters onder meer een verwijzing naar de pastorie te maskeren. Dit gebeurt via de oorsprong van zijn naam. Die was afgeleid van de Heilige ANTHONIUS. Dat is het anagram van ANNO THUIS. Het woord “ANNO” heeft betrekking op een jaartal en dat kan dan alleen 1764 zijn, omdat dat jaartal immers op het “THUIS” van Vincent is bevestigd.

Eerder zagen wij dat wij dit jaar 1764 als puzzel-element ook als tijd kunnen zien: 17u64, ofwel 17 uur + 60 minuten = + 1 uur = 18 uur. Plus 4 minuten = 18u04. Maar we kunnen hier ook zeggen 1760 + 4. Door een vaststaand gegeven weten we dat hier een wiskundige deling wordt gesuggereerd: 1760 gedeeld door 4. De uitkomst daarvan is 440, wat dus een kwart is van het getal 1760. Voor de duidelijkheid geef ik nogmaals de afbeelding met het kwart van het diagram:

Copyright © 2018 Duyo Geldrop/Jan Bakker WebTeksten

Het getal 440 slaat op het aantal mannelijke wevers dat in 1885 in Nuenen werkzaam was. Dit wordt althans vermeld in het blad van de Heemkundekring De Drijehornick in Nuenen (jaargang 24, nummer 1 van april 2015) waarin wordt verwezen naar het jaarverslag van de gemeente Nuenen uit 1885 waarin dit feit staat vermeld.

Door het anagram “ANNO THUIS” uit ANTHONIUS legde ik een verband tussen Antonie op De Aardappeleters (en dus de Gerwenseweg 4) en de pastorie. Eigenlijk speelde daarbij alleen het kwadrant linksonder een rol. Maar er zijn in totaal 4 kwadranten, viermaal een kwart, dat als volgt kan worden weergegeven:

Denkbeeldig zien we linksonder 0,25 staan, terwijl de overige kwadranten het totaal van 0,75 vormen. Als we nu op Google Earth een lijn trekken tussen de Berg 26 (pastorie) en de Gerwenseweg 4 (boerderij), zien we een afstand ontstaan van… 0,75 kilometer ofwel 750 meter. Toeval? Met alles wat we tot nu toe hebben gevonden, lijkt daarvan steeds minder sprake te zijn.

We zagen eerder dat de getallen in elk kwadrant bij elkaar opgeteld de som 34 gaven. Dat is 2 x 17 en 17 is het “heilige” getal van de Vrijmetselaars, die, zoals we hierboven al zagen, symbolisch weven met een Levensdraad. Hieruit kunnen we afleiden dat de aanwezigheid van Antonie bij het denkbeeldige kwadrant aangeeft dat hij naast broer, boer en wever, vermoedelijk ook de vrijmetselaar was die Vincent heeft geholpen bij het coderen van zijn meesterwerk De Aardappeleters. Dat hij mogelijk wever was, wordt benadrukt door zijn voornaam Antonie. Zoals we al zagen is deze naam afgeleid van de Heilige Antonius of Anthonius (Antonius Abt, 251-356, gedenkdag 17 januari) en die is onder meer beschermheilige van… de wevers! Dat de Antonie van het schilderij naast wever ook vrijmetselaar was kon mooi extra symbolisch worden verhuld omdat het (vrij)metselwerk van de pastorie met een dikke pleisterlaag was bedekt…

Een vingerwijzing

Door deze onthullingen groeit het vermoeden dat het boerentafereel zich helemaal niet in de boerderij van de familie De Groot aan de Gerwenseweg 4 te Nuenen heeft afgespeeld. Na het overlijden van zijn vader heeft Vincent de boerenfamilie De Groot-Van Rooij mogelijk bij hem thuis in de pastorie uitgenodigd om te komen eten. Indien dat niet het geval was, is er toch wel een zeer duidelijke link tussen de boerenwoning en de pastorie. Een extra aanwijzing daarvoor geeft Cornelia, die met haar wijsvinger naar beneden wijst:

De eerste “vingerwijzing” is dat er een neerwaartse richting mee wordt aangegeven. Het lijkt alsof zij “gewoon” naar de vloer wijst. In dat geval wordt het interessant! “Vloer” biedt namelijk een Engelstalig anagram: lover. Cornelia wordt daarmee de personificatie van Vincents geliefde Margot, want dat was immers (ten opzichte van hem) een oudere vrouw. Vincent moet dan hebben willen symboliseren: “(I) love ‘r (in the vicarage)“.

Deze eventuele verwijzing naar de vicarage (de pastorie) biedt nu een tweede mogelijkheid. Op een landkaart ligt de boerderij aan de Gerwenseweg 4 in Nuenen vrijwel ten noorden van de pastorie aan de Berg 26. Wijst Cornelia daarom met haar vinger naar beneden, naar het zuiden? Met andere woorden, naar de pastorie? Of bedoelt Vincent het nog zuidelijker, helemaal naar Zuid-Frankrijk? Als Vincent dit werkelijk zo aangeeft, kan het een vroege verwijzing zijn naar Arles in het zuiden van Frankrijk, waar hij vanaf februari 1888 op 34-jarige leeftijd ongeveer een jaar lang zou gaan wonen. Hier is iets voor te zeggen, omdat zich in Arles, op de hoek van de Rue du Quatre-Septembre en Rue Saint-Julien een kerk bevindt met de waarschijnlijke relieken van de Heilige Anthonius…

Een bakkie troost

Aan de hand van onderstaande afbeelding wil ik de overwinning van Vincent op de Melancholie beschrijven. Hierbij komen beide wit-geaccentueerde vensterpartijen op de begane grond aan de linkerkant van de pastorie in beeld:

Beweert Vincent met de overeenkomst tussen het venster op De Aardappeleters, het magische vierkant en de getoonde ruiten van de pastorie, dat het leven in een boerenhuis en dat in de pastorie niet veel van elkaar verschilden? Dat is een interessant gegeven ten aanzien van de slotconclusie van dit blog (zie helemaal onderaan).

Hoe het ook zij, zoals op bovenstaande samengestelde afbeelding weergegeven kan uit de betreffende kwadranten (maar ook op andere manieren) tweemaal het jaartal 1519 worden gedestilleerd, zowel van van boven naar onder als van onder naar boven gelezen. Het principe lijkt op het verhaal van Noach dat Vincent als hulpprediker in Engeland ongetwijfeld vanaf de preekstoel aan zijn kerkgangers zal hebben verteld. Noach zag het water van twee kanten op zich afkomen: van onderaf (de golven van de zee die de Aarde bedekte) en van bovenaf (via de regen die uit de hemel viel). De wereld van Noach bestond dus voornamelijk uit water, een vergelijking met Van Gogh die in al zijn ellende ongetwijfeld veel tranen heeft vergoten? Deze droevige conclusie lijkt gerechtvaardigd als wij in ogenschouw nemen hoe de naam NOACH als acroniem kan zijn samengesteld:

N: het resultaat van de rekensom O-A=15-1=14. De 14de letter in het alfabet is de N
OA: de letterankers en letters die op de klok door de kleine wijzer met elkaar worden verbonden
C: de letter die rechts op de wijzerplaat moest komen (anagram uit de brief van 31 april 85)
H: laatste letter van de naam Van Gogh en onderdeel van het zwarte hart op de wijzerplaat: H-art (kunst)

De eerste keer dat Noach in de bijbel wordt genoemd, is in Genesis hoofdstuk 5. In vers 29 lezen wij:

En hij noemde zijn naam Noach, zeggende: Deze zal ons troosten over ons werk, en over de smart onzer handen, vanwege het aardrijk, dat de HEERE vervloekt heeft! (bron: statenvertaling.net)

Met name de woorden “de smart onzer handen” en het vervloekte aardrijk zijn treffend. En wie weet putte Vincent inderdaad troost uit de naam Noach, die hij zo mooi in De Aardappeleters heeft weten op te nemen? Wat dit betreft is de koffie schenkende Cornelia de Groot-Van Rooij geen toeval. Na een dag hard werken nam men vroeger vaak een “bakkie troost”, een kop koffie, wat ook wel een “bakkie pleur” werd genoemd. En waar het woord “pleur” vandaan komt? Wel, uit het Frans. De vertaling in het Nederlands van “pleurer” is “huilen”…

Cornelia schenkt enkele bakkies vol met troost…

De 13-jarige roep van de Avondster

Vijf jaar na de (waarschijnlijke) totstandkoming van Dürers magische vierkant, op 2 mei van het jaar 1519, stierf een kunstenaar die wereldwijd als een groot genie werd en wordt beschouwd: Leonardo da Vinci. Het is via de naam “VINCI” dat Vincent van Gogh zijn overwinning wil opeisen. Voor de duidelijkheid moeten we opnieuw even terug naar de pastorie en het rekensommetje met de letterankers O-A=15-1=14. We zagen dat de 1 en de 4 in het alfabet voor respectievelijk de A en de D staan, onder andere de initialen van Albrecht Dürer. Maar zoals we al bij de naam “Noach” zagen, staat in ons alfabet op de 14de positie de letter N. Halen we deze letter N uit VINCI weg, dan resteert het Latijnse woord VICI: IK OVERWON.

Uiteindelijk wilde Vincent van Gogh met zijn schilderij De Aardappeleters zeggen: (Latijn VENI) ik KWAM, (Spaans VIO) hij ZAG en (Latijn VICI) ik OVERWON. Aangezien de laatste aanwijzingen voortkomen uit de ets Melencolia I van Dürer, mogen we aannemen dat Vincent zijn (in dit blog besproken) Nuenense schilderijen zag als een grote, maar geheime, overwinning op de Melancholie en de daaraan verbonden tranen.

Toch is een overwinning niet compleet zonder een vredesduif met een olijftak in zijn snavel. Vormt de hierboven genoemde verwijzing via Antonie en Anthonius naar Arles misschien ook wat dat betreft een aanknopingspunt?  Wist Vincent van Gogh al eerder dat de Provence in Zuid-Frankrijk eens zijn nieuwe thuis zou worden? 

Tussen mei en december 1889 schilderde Vincent een kleine twintig werken met als onderwerp de olijfboomgaarden in de omgeving van Saint-Rémy-de-Provence. Net als overal in de Provence zijn ook in Arles de nodige olijfbomen te vinden, maar de grillige vormen daarvan vond Vincent in 1888 nog te moeilijk om te schilderen.

Al veel eerder hadden olijfbomen een zekere aantrekkingskracht op Vincent. Ongeveer tien jaar vóór zijn verblijf in Nuenen schrijft hij aan zijn broer Theo, op briefpapier van kunsthandel Goupil & Cie in Parijs:

Gisteren heb ik de tentoonstelling van Corot gezien. Daar was o.a. een Schilderij “Le jardin des oliviers”; ik ben blij dat hij dat geschilderd heeft. Rechts, een groep olijfboomen, donker tegen de schemerende blauwe lucht; op den achtergrond heuvels met struiken & een paar groote boomen begroeid, waarboven de avondster. (bron: brief nummer 34 van maandag 31 mei 1875)

Vanaf dat moment hebben de vredige olijfbomen hem altijd aangetrokken, maar tot 1888 was hij niet in de gelegenheid om daadwerkelijk naar het zuiden van Frankrijk te reizen om zich daar te vestigen… Het had hem heel wat ellende en verdriet bespaard als hij eerder naar de roep van de Avondster had geluisterd. Wellicht was hij dan in Zuid-Frankrijk zijn ware Venus tegen het lijf gelopen, die er dan wel uit had moeten zien als zijn voormalige vriendin en prostituee Sien Hoornik

Van varken naar duif en vrede

(aan blog toegevoegd op 14 juni 2018)

Voordat Vincent van Gogh eind 1883 vanuit Drenthe naar Nuenen reisde, woonde hij in Den Haag. Daar had hij een relatie met Sien Hoornik. Sien had de nodige problemen, maar iets speciaals moet Vincent tot haar hebben aangetrokken. Was het omdat zij in 1882 een zoon baarde? Was Vincent de vader? Niemand weet daar het fijne van, ook al omdat Sien een verleden (en toekomst) had als prostituee en “het” daardoor ook met andere mannen deed. Ik heb ontdekt dat Vincent als een soort diepe persoonlijke herinnering een verwijzing naar Sien op De Aardappeleters heeft aangebracht. En dat is niet alleen via Gordina, die als roepnaam Sien had (afgeleid van Dien). Het valt overigens niet helemaal uit te sluiten dat ook Gordina iets probeerde bij te verdienen met het plezieren van mannen. Zeker is dat zij in 1884 een zoontje heeft gekregen, Cornelis, genoemd naar haar vader. Vincent werd er alom van verdacht hier meer van te weten.

De aanwijzing loopt opnieuw via Antonie. We hebben gezien dat deze naam is gebaseerd op de naam van de Heilige Anthonius. Een bijzonderheid van deze heilige is dat hij in de kunst vaak met een varken wordt afgebeeld. In het kerkje Notre-Dame-de-Lhor in Métairies-Saint-Quirin in het noordelijke Franse departement Moselle bevindt zich hiervan in een glas-in-loodraam een prachtig voorbeeld:

Bron: Wikimedia Commons

Als we in het Nederlands spreken van “één varken”, zeggen ze in het Engels “one pig”. Dat is een anagram van het Franse “pigeon” en dat betekent “duif”.

Op een foto van de kapel in Métairies-Saint-Quirin zien we dat de frontmuur en het frontdak qua architectuur overeenkomsten vertonen met de zijmuur en het zijdak van de pastorie in Nuenen:

(Wikimedia Commons)

Een dergelijk driehoekig dak wordt in het Frans een “pignon” genoemd. Vincent verwijst naar dit zijdak via zijn schilderij van de pastorie. Eerder in dit blog zagen we al dat Vincent de pastorie in een soort perspectief heeft geplaatst, waarbij de rechter zijmuur iets benadrukt wordt. We begrijpen nu waarom Vincent voor precies deze positie heeft gekozen: ten eerste vanwege het eerder besproken perspectief-element (de O en de A) en ten tweede omdat het driehoekige zijdak op deze manier vrijwel aan het oog wordt onttrokken en daarmee in het geheim wordt meegenomen.

We hebben zodoende twee woorden gevonden: “pignon” en “pigeon”. De oplettende lezer zal direct zien dat de woorden “pignon” (driehoekige dakondersteuning) en “pigeon” (duif), maar één letter van elkaar verschillen. Het gaat daarbij telkens om de vierde letter: de “n” respectievelijk de “e“. De oplossing van het raadseltje om van zijdak (pignon) via varken (one pig) naar duif (pigeon) te gaan: n = e. In letters: “n is e“, wat een anagram is van “sien“.

In zijn brief van 31 april 85 verwijst Vincent via “pi” dus mogelijk naar de pastorie, Maria Magdalena en naar zijn Sien. Datzelfde doet hij op zijn schilderij De Aardappeleters. We zien dan aan de linkerkant de vrouw met de knipmuts, genaamd Gordina met als roepnaam Sien. Nu we weten dat boer/wever/vrijmetselaar Antonie via de heilige Anthonius, het varken, het bepleisterde gebied “p” en het zijdak van de pastorie ook naar Sien verwijst, dienen we te beseffen dat Sien een speciaal plekje in Vincents hart innam. Voor hem symboliseerde de hoerige Sien warmte, rust en vrede in een rumoerige en ongedurige omgeving.

(laatste alinea over een eventueel bordeel in Nuenen na aanvullend onderzoek verwijderd op 10 juli 2018. Tip: Lees ook mijn vervolgtekst, waarin ik o.a. het Obervellach-Triptiek (1519) van Jan van Scorel belicht).

 

 


Bovenstaand blog is het resultaat van mijn voortgezette onderzoek over Vincent van Gogh in het algemeen en De Aardappeleters in het bijzonder. Eerdere onderzoeksresultaten over dit onderwerp zijn in 2015 gepubliceerd in blogs op duyo.nl, de voorganger van janbakkerwebteksten.nl. Dit blog is daar voor een groot deel op gebaseerd.

Copyright: U mag dit blog geheel of gedeeltelijk overnemen voor eigen gebruik. Wilt u (de strekking van) de tekst publiceren in een blog, artikel, boek of een ander medium? Ook dat mag, onder de voorwaarde dat u als bron “janbakkerwebteksten.nl” vermeldt.

 

image_pdfOpen in PDFimage_printPrint dit blog